Houten Kamerlamp plm. 1940

Art Déco Kamerlamp plm. 1935

EIGENSCHAPPEN VAN DE STIJLEN:

“Art Nouveau” of  “Jugendstil” (ca 1875 – ca 1914)

Slanke proporties en lange, golvende lijnen. Dikwijls asymmetrische ontwerpen. Vormen en versieringen afgeleid van natuurlijke vormen, zoals bloemen, vlammen en golven en van geometrische figuren (patronen).

“Art Déco” (1920 -1939)

Zware geometrische stijl met op primitieve kunst en Egyptische motieven geïnspireerde versiering. Gebruik van materialen als glas, plastic en staal.